Heide

Heide
Heidevelden zijn oude cultuurlandschappen met grote natuurwaarden. Ze zijn het resultaat van langdurige begrazing van een voedselarme bodem. Kunstmest bracht een eind aan de potstal en maakte de herder met zijn kudde brodeloos. Het mengen van gestoken heideplaggen en mest was niet langer nodig. Voedingsstoffen in het regenwater veroorzaken vergrassing, waarbij het pijpenstrootje de heide geleidelijk verdringt. Zonder een actief beheer van begrazen en plaggen zouden de lager gelegen heidevelden daarom geleidelijk spontaan veranderen in bos.   Op de droge zandgronden domineert de struikheide  

‘Hangend water’
Het grootste deel van de Sallandse Heuvelrug ligt hoog en droog. Doordat de bodem voornamelijk uit zand bestaat, groeien er plantensoorten die bestand zijn tegen een voedselarm en droog milieu.

  Op de droge delen domineert struikheide en op plekken die wat vochtiger en leemhoudender zijn, vinden we dopheide en pijpenstrootje. In het algemeen is de soortenrijkdom op de heide niet zo groot, maar wel bijzonder. Heel opvallend is er de jeneverbes, die plaatselijk dichte struwelen vormt. De ondergrond van grof zand en de bovenlaag van fijn zand, maken dat de hoger gelegen begroeiing van bos en hei niet wordt gevoed door het soms tientallen meters lager gelegen grondwater. In de bovenlaag is de begroeiing afhankelijk van zogenaamd ‘hangend water’: neerslag die wordt vastgehouden in de bovenste grondlaag. De meeste voedingsstoffen in de neerslag zakken met het water weg in het zand en hebben daardoor weinig invloed op het voedselaanbod voor boom en plant.